READING

Tussen Kunst & Kids #5: Hilde Marichal

Tussen Kunst & Kids #5: Hilde Marichal

In de rubriek Tussen Kunst & Kids komen verschillende experts aan het woord, met zowel een persoonlijk als professioneel verhaal. Dit keer het woord aan Hilde Marichal, educatief medewerker cultuur bij de Gezinsbond in België. Samen met erfgoedorganisatie FARO en drie musea initieerden zij een cultureel pilotprogramma speciaal voor de doelgroep 0-4 jaar.


Hilde Marichal (59) vertelt over haar werk bij de Gezinsbond, de ‘familievriendelijkheid’ van musea en het pilotprogramma voor de allerkleinsten tijdens het evenement Krokuskriebels. Na haar studie Kunstwetenschappen en Archeologie aan de K.U. Leuven werkte ze als wetenschappelijk medewerker aan dezelfde universiteit. Cultuur is haar tweede leven en passie. In haar huidige baan is zij verantwoordelijk voor grootschalige cultuurmanifestaties voor gezinnen in samenwerking met musea en cultuurcentra. Marichal spreekt vol vuur als het gaat om de belangen voor gezinnen. Ze noemt het bezoeken van een museum zelfs een fundamenteel kinderrecht.  

Je kunt nog zulke mooie activiteiten voor kleintjes verzinnen. Maar als je niet met je buggy door de gang komt, of er is geen verschoningsplek, dan neem je families ook niet serieus.

Wat is de Gezinsbond precies?
“De Gezinsbond is een van de grootste gezinsorganisaties in Vlaanderen. De organisatie steunt op vier pijlers: dienstverlening, sociaal-cultureel werk, een verenigingsleven en gezinspolitieke acties. Cultuur staat hoog op onze agenda. Zo is een van onze grootste projecten het tweejaarlijkse evenement Krokuskriebels, waarbij musea hun deuren wijd openzetten voor gezinnen. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt namelijk dat hoe jonger je kinderen in aanraking brengt met kunst en cultuur, hoe meer cultuur-minded ze op latere leeftijd zullen zijn. Vanuit dit gegeven zijn we contact gaan leggen met de musea.”

Activiteit voor de allerkleinsten in MAS Antwerpen 

Vorig jaar werd er tijdens het tweejaarlijkse familiefestijn Krokuskriebels voor het eerst actief ingezet op de doelgroep 0-4 jaar. Waarom deze focus?
“In Vlaanderen hebben de musea al de jarenlange gewoonte om scholen uit te nodigen. En daarnaast bieden ze ook voor volwassenen interessante rondleidingen en lezingen aan. Maar een combinatie daarvan, ofwel actief aanbod voor gezinnen: dat was er niet. Door onze input, zowel inhoudelijk als promotioneel, is het gelukt om bij de musea wat meer aandacht voor de gezinnen te krijgen. Maar bij Krokuskriebels blijven we de uitdaging opzoeken. We willen musea laten nadenken over nieuwe dingen. Vandaar dat onze focus afgelopen jaar bij de achtste editie van het museumproject gericht was op een nieuwe doelgroep: de allerkleinsten.”

Het pilotprogramma was een samenwerking tussen drie musea, de Gezinsbond en erfgoedorganisatie FARO. Hoe ging dit in zijn werk?
“Ons uitgangspunt was het manifest dat erfgoedorganisatie FARO uit het Frans heeft vertaald: Kunstmusea: ook voor de allerkleinsten . Ook haalden we onze inspiratie uit educatieve projecten uit Engeland, Scandinavië en Amerika waar al veel meer voor deze doelgroep gebeurt. Ons traject bestond uit het begeleiden van musea en regelen van budget. We werkten hierbij samen met FARO en drie musea – Het MAS in Antwerpen, het Museum voor Schone Kunsten Gent en het Brussels Museum van de Molen en de Voeding in Evere. We waren er al langer van overtuigd dat er veel vraag was naar aanbod voor deze doelgroep, maar dat het zo’n groot succes zou worden. Wow! We ontvingen zoveel positieve reacties, van zowel de ouders als de musea.” 

Laat baby’s en peuters van nu opgroeien met het museum, en de kans is groot dat zij later terugkomen met hun eigen kinderen. Zij zijn het publiek van morgen.

Waarom zouden musea zich eigenlijk op deze doelgroep richten?
“Musea kunnen veel betekenen in de ontwikkeling van kinderen, waarbij de leeftijd van 0 tot 2 jaar cruciaal is. Het museum kan voor het kind een omgeving zijn van sociaal en emotioneel welbevinden. En zoals ik al eerder aangaf, hoe jonger kinderen in aanraking komen met kunst en cultuur, hoe meer de kans dat ze later ook participeren op het culturele vlak. Zij zijn het publiek van de toekomst!”

Is er behoefte aan het bezoeken van musea vanuit gezinnen met jonge kinderen?
“Bij deze gezinnen is er vooral de eerste periode enorm veel behoefte aan sociaal contact. Er is weinig tijd om iets te ondernemen, je bent moe en zit veel thuis met je baby. Dan krijg je ineens aanbod vanuit het museum. Waar je welkom bent. En andere ouders kunt ontmoeten. Dat is toch een fantastische manier om je horizon te verbreden?”

Een museum bezoeken, is een kinderrecht. Artikel 31 van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind stelt onder meer dat ieder kind recht heeft op rust en vrije tijd, op deelneming aan spel en recreatieve bezigheden passend bij de leeftijd van het kind, en op vrije deelneming aan het culturele en artistieke leven.

Sommige mensen geven aan dat ze liever geen jonge kinderen in het museum hebben. Huilende, gillende wezens die overal aan willen zitten. Hoe staat u hier hiertegenover?
“Natuurlijk zijn er gedragscodes en zaken waarmee je rekening moet houden. Je kunt niet met wasco stift op een Rubens tekenen. Maar er zijn zoveel manieren om gezinnen in aanraking te brengen met de collectie. Laat ze zich goed voelen. Zodat ze terug willen komen. Niet gelijk ssstt.. stil roepen en vertellen wat allemaal niet mag. Dat werk benauwend. Musea moeten uitnodigend zijn. Ze zijn ter slot van rekening een ontmoetingsplek, geen heilige tempels. Er moet een klik komen tussen het museum en het kind.”

Jullie doel is niet noodzakelijk dat elk museum aanbod heeft. Maar wel dat een museum deze optie overweegt en hierin een bewuste keuze maakt. Waarom denkt u dat musea zich nog niet eerder op deze doelgroep richten?
“Ik denk dat veel musea (nog) niet durven te veranderen. Bij kleintjes gaat het om beleving en om een omgeving creëren waar het gezin zich fijn voelt en tot rust kan komen. Ofwel meer een sociaal aspect in plaats van enkel de kunst. Dat is een compleet andere aanpak dan musea tot nog toe gewend zijn. Daarnaast moeten musea al zoveel. Ik merk dat ze het heel fijn vonden dat er een stuk uit handen werd genomen. Het project Krokuskriebels was niet van de grond gekomen als het geheel uit eigen middelen en mankracht had moeten komen. Een onafhankelijke aanjager is hierbij dus cruciaal.”

Musea verwachten soms te veel van ouders. Ouders zijn geen professionele gidsen. Ze zijn ook bezoekers. Duw ze dus niet in de rol van alleswetende professional. Ouders willen ook genieten en leren.

Waren er knelpunten tijdens het pilotprogramma?
“Een groot project als dit vraagt om veel draagvlak. Bij de directie, maar ook bij publieksmedewerkers en de suppoosten. We zagen soms wat spanning tussen directie en publieksmedewerkers. Het zou voor de directie niet verkeerd zijn om eens wat vaker ‘af te dalen’ naar het publiek en uitvoerend niveau.

Voor musea is het tevens belangrijk om te beseffen dat ‘het gezin’ geen homogene groep is, maar divers qua samenstelling. Vaak lopen kleintjes er maar ‘bij’, wanneer ouders met de oudere kinderen naar het museum gaan. Er moet ook iets te doen zijn voor de allerkleinsten. Verder verwachten musea soms veel te veel van ouders. Ouders zijn geen professionele gidsen. Ze zijn ook bezoekers. Duw ze dus niet in de rol van alleswetende professional. Ouders willen ook genieten en leren. Ook blijven we kritisch. Je kunt nog zulke mooie activiteiten voor kleintjes verzinnen. Maar als je niet met je buggy door de gang komt, of er is geen verschoningsplek aanwezig, dan neem je families ook niet serieus.”

Het beviel de musea blijkbaar zo goed dat veel activiteiten nu structureel in hun aanbod zijn verankerd. Ik sprak met Lies Ledure, educatief medewerker van Museum voor Schone Kunsten Gent. Zij vertelde me dat ze hier ondertussen aan een nieuw gezinsvriendelijk aanbod werken waarbij de jongste kinderen ook aan bod komen. Clara Mathues van het Brussels Museum van de Molen en de Voeding was ook erg positief over het pilotprogramma, net als het MAS. Wel gaven ze aan dat het erg intensief was. Hoe gaat het nu verder?
“Tijdens onze studiedag hebben we met alle partijen geëvalueerd. En nu is het een kwestie van doorpakken. Het mag geen stille dood sterven. Daarom willen we het volgend jaar nóg gemakkelijker maken voor musea om mee te doen. Een toegankelijker programma opzetten. De volgende editie gaan we ons richten op kinderwagen-tours. In het buitenland zijn deze strollertours al de normaalste zaak ter wereld en helemaal ingebed in het museumaanbod.”

De doelgroep gezinnen heb je als musea voor het leven. Als de kinderen ouder worden en gewend zijn aan kunst, worden ze zelf ouders en geven dat weer door aan hun kinderen. Een heuse kettingreactie!

Wat vindt u van het platform Kunstfanaatjes
“Het platform is een verzamelpunt van musea die iets voor jonge kinderen bieden. Dat kan zeker zorgen voor meer bezoeken en vertrouwen bij ouders. Allez, belangrijk is wel dat je de musea mee hebt. Je moet echt twee richtingen op werken. Zij moeten doorkrijgen dat de doelgroep families belangrijk is. Deze doelgroep heb je namelijk voor het leven. Als de kinderen ouder worden en gewend zijn aan kunst, worden ze zelf ouders en geven dat weer door aan hun kinderen. Een heuse kettingreactie. Net als bij de supermarkt. Happy customers! (lacht). Het zou mooi zijn als Kunstfanaatjes een dialoog tussen gezinnen en musea voor elkaar krijgt.”

 


Brigitte (37) is de oprichter van Stichting Kunstfanaatjes. Met haar freelance werk richt ze zich op publieksbereik (educatie & communicatie) in de culturele sector. Ook is ze een enthousiast museumdocent. Ze woont samen en en heeft een zoontje, Max van bijna 4 jaar oud.

COMMENTS ARE OFF THIS POST